Naar de inhoud
Hardlopen

Na de wintertijd 73 procent meer ongelukken met voetgangers: zo loop je veilig

Na de overgang naar wintertijd stijgen ernstige ongevallen met voetgangers met 73 procent, meldt Vias. Wat dat betekent voor hardlopers: zichtbaarheid, route en tijdstip.

Hardloper met reflecterende kleding op een verlichte straat in de avondschemering

In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober gaat de klok een uur terug. Vanaf maandag wordt het dus een uur eerder donker, precies in de uren waarin veel mensen na het werk een rondje lopen. Het Belgische verkeersinstituut Vias rekende uit wat die verschuiving doet met de veiligheid van voetgangers, en de uitkomst is niet mals. In de avondspits ligt het aantal ongevallen met een zwaargewonde of dode voetganger in november 73 procent hoger dan in oktober, meldt VRT NWS.

Het gaat om Belgische cijfers, maar de omstandigheden zijn in Nederland vrijwel gelijk. Zelfde klokwissel, zelfde spits, zelfde schemering rond vijf uur. Wie hardloopt of stevig wandelt, valt in de statistiek gewoon onder voetganger. Daarom is het de moeite waard om te kijken wat er precies achter dat getal zit, en wat je er als loper mee kunt.

Wat Vias heeft gemeten

Vias vergeleek letselongevallen met voetgangers in oktober en november over tien jaar, van 2016 tot en met 2025, en keek alleen naar het tijdvak tussen 16.00 en 19.00 uur. In november gebeuren in die uren 39 procent meer letselongevallen met voetgangers dan in oktober. Kijk je alleen naar de zware ongevallen, met minstens één zwaargewonde of dode, dan is het verschil 73 procent.

Ook de afloop is ernstiger. In oktober vallen er volgens Vias 109 doden en zwaargewonden per 1.000 letselongevallen met voetgangers, in november zijn dat er 136. Over die tien jaar telde het instituut in de novemberse avondspits in totaal 181 doden en zwaargewonden onder voetgangers, gemiddeld 18 per jaar.

De verklaring die Vias geeft is eenvoudig. Trajecten die mensen tot vorige week bij daglicht aflegden, gebeuren nu in de schemering. Een automobilist ziet een voetganger later of helemaal niet, remt te laat, en raakt hem met een hogere snelheid. Vias wil overigens niet zeggen dat de wintertijd zelf slechter is voor de verkeersveiligheid; daarvoor moet het instituut ook naar de zomermaanden kijken. Het punt is het moment waarop donker en spits ineens samenvallen.

Waarom dit lopers meer raakt dan je zou denken

Een hardloper is in die cijfers een voetganger die sneller beweegt en vaker oversteekt. Dat maakt drie situaties uit het onderzoek extra herkenbaar. De eerste is oversteken op een brede weg met meerdere rijstroken, vlak bij een zebrapad, waar geparkeerde auto’s het zicht in beide richtingen blokkeren. De tweede is oversteken buiten een oversteekplaats, waarbij de automobilist je wel ziet maar niet afremt omdat hij voorrang heeft. De derde is de afslaande auto. Jij ziet de bestuurder en gaat ervan uit dat hij jou ook ziet, terwijl hij in het donker vooral naar ander verkeer kijkt.

Die laatste herken ik van mezelf. Wie in een goed ritme zit, wil niet stilstaan bij een kruising en vertrouwt op oogcontact dat er in het koplampenlicht niet is. Vias zegt het zonder omwegen. Voorrang hebben betekent niet dat je blind mag oversteken, en door het licht van de koplampen is oogcontact vaak lastig.

Zichtbaar zijn, en wat dat in meters scheelt

Het getal uit het advies van Vias dat het meest blijft hangen gaat over kleding. In fluorescerende en reflecterende kleding ziet een automobilist je volgens het instituut al op 150 meter. In donkere kleding is dat pas op 20 meter. Bij 50 kilometer per uur legt een auto 20 meter af in ongeveer anderhalve seconde, en dat is minder dan de tijd die de meeste bestuurders nodig hebben om te reageren en te remmen.

Fluorescerend en reflecterend zijn twee verschillende dingen, en je hebt ze allebei nodig. Fluorescerende kleuren vallen op in de schemering, het uur waarin het volgens Vias het vaakst misgaat. Reflectie werkt pas echt in het donker, als koplampen erop schijnen. Reflectie op bewegende delen, zoals enkels, hielen en polsen, valt een bestuurder sneller op dan een reflecterend vlak op je borst, omdat het beweegt. Een hoofdlamp helpt jou om te zien waar je loopt en laat tegelijk zien dat er iemand aankomt; welke lichtsterkte daarvoor nodig is, lees je in ons stuk over het kiezen van een hoofdlamp.

Routekeuze in de donkere maanden

Kleding lost het niet alleen op. De cijfers van Vias gaan over oversteken en afslaand verkeer, en dat zegt iets over je route. Een rondje met zo min mogelijk kruisingen is in november gewoon veiliger dan een rondje door de wijk met om de tweehonderd meter een zijstraat. Denk aan een fietspad langs een park, een verlicht stuk langs het water of een atletiekbaan, als je club die ’s avonds openstelt. Kies je toch voor de straat, loop dan tegen de rijrichting in op plekken zonder stoep, zodat je de auto’s ziet aankomen.

Bij intervallen geldt hetzelfde, en daar wordt het vaak vergeten. Wie een tempoblok loopt, kijkt minder om zich heen. Leg snelle stukken op een stuk zonder oversteekplaatsen, en wandel of dribbel rustig over de kruisingen in je dribbelpauzes.

Ochtend of avond lopen

De vraag die bij dit nieuws hoort is of je dan beter ’s ochtends kunt lopen. De klokwissel helpt de ochtendloper inderdaad een paar weken, omdat het ’s ochtends een uur eerder licht is. Maar Vias wijst ook op fietsers, en daar blijkt dat het probleem niet alleen ’s avonds speelt. In november gebeuren ongeveer vier keer zoveel ongevallen met fietsers bij schemering en zonsopgang als in juni, omdat zonsopgang en zonsondergang dan samenvallen met de spitsuren van 7 tot 8 uur en van 16 tot 18 uur.

Voor een loper is dat de eigenlijke les. Het gevaarlijkste moment is niet het donker zelf, maar het halfdonker op een moment dat iedereen met haast onderweg is. Een rondje om half negen ’s avonds in een rustige straat is minder riskant dan een rondje om vijf uur langs een drukke uitvalsweg. Wie de keuze heeft, loopt dus liever buiten de spits dan per se in het licht.

Voor lopers die ’s avonds lopen, en zeker voor vrouwen, speelt ook een ander soort veiligheid. Daarover schreven we eerder in het stuk over veilig hardlopen in het donker. De verkeerscijfers van Vias voegen daar iets concreets aan toe. Zorg dat je gezien wordt, loop een route met weinig oversteken, en ga er bij elke kruising van uit dat de bestuurder je nog niet heeft opgemerkt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *