Naar de inhoud
Evenementen

Blauwe lijn door Amsterdam: zo helpt de ideale lijn je in de marathon

Op het parcours van de marathon van Amsterdam ligt weer een blauwe lijn. Wat die lijn is, hoeveel meters een ruime bocht kost en of je hem moet volgen.

Marathonlopers in een straat tijdens een stadsmarathon

Wie deze week langs de Amstel fietst, ziet een blauwe streep op het asfalt die bij elke bocht strak langs de binnenkant loopt. Organisator Le Champion heeft in de nacht van maandag op dinsdag de ideale looplijn geschilderd voor de marathon van Amsterdam van zondag 18 oktober. Volgens NH Nieuws is het voor het eerst in jaren dat die strepen er weer liggen. Het doel is een nieuw parcoursrecord. Maar ook als je zelf geen 2.03 loopt, zegt die lijn iets over hoe ver je zondag werkelijk rent.

Wat de blauwe lijn is

De lijn is geen versiering en ook geen gok van de organisatie. Het is de lijn waarlangs het parcours officieel is opgemeten. In de regels van World Athletics, die samen met de internationale marathonvereniging AIMS zijn uitgewerkt in het handboek voor het meten van wegparcoursen, staat dat een parcours wordt gemeten langs de kortst mogelijke route die een loper binnen de afzetting kan nemen. Bij grote wedstrijden hoort die meetlijn in een opvallende kleur op de weg te staan.

De meter fietst daarbij met een geijkte fiets niet midden op de weg, maar zo krap mogelijk. In bochten blijft hij 30 centimeter van de stoeprand of het hek. Op rechte stukken tussen twee bochten steekt hij schuin over, zoals een gespannen touw zou liggen. Daarbovenop komt nog een veiligheidsmarge van 0,1 procent, zodat elke kilometer op de meetlijn eigenlijk 1.001 meter is. Een marathon die precies langs de blauwe lijn wordt gelopen, is dus al ruim 40 meter langer dan 42,195 kilometer. Zo weet de organisatie zeker dat niemand een te korte marathon loopt.

Eventmanager Nienke Slobbe zegt tegen NH Nieuws dat wie de lijn in de bochten aanhoudt, “precies op hoe we het parcours hebben gemeten” loopt. Alleen ongeveer twintig procent van de route krijgt verf, vooral rond bochten en afslagen. Op lange rechte stukken heeft een lijn weinig zin.

Hoeveel een ruime bocht kost

Hier zit het deel dat voor elke loper telt. Neem je een bocht ruimer dan de lijn, dan loop je een grotere boog. Bij een haakse bocht kost elke meter die je verder naar buiten zit ongeveer anderhalve meter extra, want de boog is een kwart cirkel. Dat is meetkunde, geen schatting.

Afstand tot de ideale lijn in een haakse bochtExtra meters per bocht
1 meter1,6 meter
3 meter4,7 meter
5 meter7,9 meter

Per bocht valt dat mee. Maar een stadsmarathon heeft tientallen bochten en afslagen, en wie in een groep loopt, zit zelden aan de binnenkant. Tel daar het zigzaggen bij op tussen lopers, naar een drankpost en terug, en je bent al snel een paar honderd meter verder dan de officiële afstand. Bij een tempo van zes minuten per kilometer zijn honderd meter extra ongeveer 36 seconden. Voor wie op een paar seconden onder de vier uur wil finishen, is dat het verschil.

Daarom vind ik het een mooie zet van de organisatie. Voor de toplopers, vaak buitenlanders die de stad niet kennen, is de lijn een routekaart. Je ziet waar de volgende bocht komt en hoe je hem moet aansnijden. NH Nieuws noemt als huidige parcoursrecords 2.03.30 bij de mannen voor Geofry Kipchumba, die we kennen als recordhouder Geoffrey Toroitich, en 2.16.52 bij de vrouwen voor Yalemzerf Yehualaw uit 2024.

Moet jij de lijn ook volgen?

Waar het kan wel, maar niet ten koste van alles. In de eerste kilometers loop je in een dichte massa en is de lijn vaak niet eens te zien. Ga dan niet duwen of in de bocht naar binnen snijden, dat kost meer energie dan het oplevert en het is gevaarlijk voor je buren. Later in de race, als het veld uitgedund is, wordt de lijn wel een handig hulpmiddel. Kijk vooruit, zie waar hij naartoe loopt en neem de bocht krap.

Op de stukken zonder verf kun je hetzelfde principe zelf toepassen. Loop op een lange rechte weg niet tegen de rechterkant aan als de volgende bocht naar links gaat, maar steek geleidelijk over. Dat is precies hoe de meter het parcours heeft gemeten. En plan je drankposten bewust. Wie bij elke post naar de uiterste tafel loopt en terug, maakt de meeste extra meters van de dag.

Rond het Olympisch Stadion verandert dit jaar trouwens ook de laatste bocht. Wat er precies anders is, lees je in ons stuk over de nieuwe finishbocht.

Waarom je horloge toch meer aangeeft

Verwacht na afloop niet dat je horloge precies 42,2 kilometer laat zien. Zelfs wie keurig de lijn volgt, loopt al die 0,1 procent extra, en niemand loopt een hele marathon exact op de meetlijn. Daar komt de onnauwkeurigheid van gps tussen hoge gebouwen nog bij. Een paar honderd meter meer op je horloge betekent dus niet dat het parcours te lang was. Het betekent dat het parcours goed gemeten is en dat jij, net als iedereen, ergens wat ruimer liep.

De blauwe verf ligt er maar in één dunne laag en moet vanzelf wegslijten. Volgens de organisatie kan dat drie tot vier weken duren, afhankelijk van het weer en het verkeer. Wie zondag geen startbewijs heeft, kan de lijn dus de komende weken nog zelf eens uitproberen op een rondje langs de Amstel.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *