Naar de inhoud
Hardlopen

Hardlopen wordt duur, zo houd je inschrijfgeld en uitrusting betaalbaar

Een derde van de lopers zag wel eens af van een loop door de kosten. Zo bespaar je op inschrijfgeld en uitrusting zonder minder plezier in het hardlopen.

Hardloper strikt de veters van zijn hardloopschoenen voor een rondje

Hardlopen was altijd de sport waar je alleen een paar schoenen voor nodig had. Wie vandaag een startbewijs koopt voor een grote stadsmarathon, merkt dat dat beeld niet meer klopt. BN DeStem schreef op 8 oktober dat een deel van de lopers afhaakt omdat het meedoen aan evenementen te duur wordt. Dat is een terecht signaal, maar het betekent niet dat hardlopen zelf onbetaalbaar is. Je moet alleen beter kiezen waar je je geld aan uitgeeft.

Wat het onderzoek laat zien

Het artikel in BN DeStem leunt op onderzoek van het Mulier Instituut naar hardloop-, wandel- en wielerevenementen. Volgens de samenvatting van het instituut nam in 2025 27 procent van de Nederlandse hardlopers, wielrenners en wandelaars deel aan minstens één evenement, tegen 21 procent in 2017. Tegelijk heeft een derde van de sporters wel eens afgezien van een evenement omdat het te duur was.

Onderzoeker Paul Hover zegt in de krant dat lang niet elke marathon duur hoeft te zijn. Het hangt volgens hem sterk af van het concept, en hij noemt de marathon van Delfzijl als voorbeeld van een wedstrijd waar je veel minder betaalt dan in de grote steden. Zijn kernvraag vat het mooi samen, „wat krijg je terug voor je deelnamebedrag?”

Dat is ook de vraag die ik mezelf stel als ik mijn wedstrijdkalender maak. Een grote stadsmarathon met tienduizenden toeschouwers is een feest, maar je betaalt mee aan de tribunes, de tv-uitzending en het topveld. Voor een snelle tijd of een fijne zondag heb je dat allemaal niet nodig.

Bespaar op inschrijfgeld zonder minder te lopen

De grootste winst zit in je wedstrijdkeuze. Een paar keuzes die je inschrijfkosten flink drukken.

  • Kies vaker een kleine loop. Lokale lopen van atletiekverenigingen, trailruns in de bossen en dorpsmarathons zijn vaak een fractie van de prijs van een grote stadsmarathon. Je loopt dezelfde afstand, met minder gedrang aan de start.
  • Schrijf vroeg in. Veel organisaties werken met prijzen die oplopen naarmate de wedstrijd dichterbij komt. Wie weet dat hij een loop wil doen, schrijft zich in zodra de inschrijving opengaat.
  • Let op voordeelregelingen. Sommige steden geven hun eigen inwoners korting, zoals Rotterdam dat voor de marathon van 2027 voor Rotterdammers van plan is. Kijk ook of je vereniging of werkgever een groepsinschrijving regelt.
  • Doe één grote wedstrijd per jaar. Bewaar de dure stadsmarathon voor je hoofddoel en vul de rest van het seizoen met kleinere lopen als trainingswedstrijd.
  • Train op gratis wekelijkse lopen. In veel plaatsen zijn er wekelijkse gratis 5 kilometerlopen in parken, waar je zonder inschrijfgeld met een tijdregistratie loopt. Ideaal om tempo te oefenen.

Een grote buitenlandse marathon is een ander verhaal. Daar komen reis en verblijf bovenop het inschrijfgeld. In ons stuk over wat een World Marathon Major kost lees je waar dat geld heen gaat en of het de moeite waard is.

Uitrusting die meegaat zonder topmodel

De tweede grote post is materiaal. Ook daar geldt dat de duurste keuze zelden de beste is voor een gewone loper.

Begin bij je schoenen, want die zijn het enige echt belangrijke stuk. Een goede trainingsschoen van vorig seizoen loopt net zo prettig als het nieuwe model, en is vaak flink afgeprijsd zodra de opvolger in de winkel ligt. Het belangrijkste is dat hij past bij jouw loopstijl, en dat bepaal je eerder met een paar proefrondjes dan met het prijskaartje. Hoe je die keuze maakt, staat in ons stuk over de juiste hardloopschoenen voor jouw loopstijl.

Een carbonschoen of supershoe is leuk voor je wedstrijd, maar je hoeft er niet elke dag op te trainen. Wie zo’n schoen alleen voor de belangrijkste races gebruikt, doet er jaren mee. Je gewone trainingsschoen draagt het grootste deel van je kilometers.

Voor kleding heb je minder nodig dan je denkt. Een paar shirts van ademend materiaal, een loopbroek, een jack tegen wind en regen en goede sokken zijn genoeg voor het hele jaar. Functionele sportkleding van huismerken bij grote sportketens doet in de praktijk weinig onder voor de dure lijnen. Een sporthorloge met gps is fijn, maar je telefoon met een gratis app meet je afstand en tempo ook prima.

Waar je beter niet op bezuinigt

Er zijn twee dingen waar ik zelf nooit op zou besparen. Het eerste is je schoen als die versleten is. Een uitgelopen zool geeft minder steun, en een blessure kost je uiteindelijk meer dan een nieuw paar. Het tweede is begeleiding als je met klachten loopt. Een paar sessies bij een fysiotherapeut of een trainer die naar je loopstijl kijkt, voorkomt maanden stilstand.

Twijfel je of een vereniging iets voor je is, reken dan eens uit wat je een jaar lang aan losse wedstrijden en trainingsplannen kwijt bent. Een lidmaatschap geeft je trainers, een groep en vaak korting op lokale lopen. Voor veel lopers is dat per saldo goedkoper dan alles zelf regelen.

De sport zelf blijft goedkoop

Het onderzoek gaat over evenementen, niet over hardlopen zelf. De gewone rondjes door je wijk of het bos kosten nog altijd niets. Wie dat in het achterhoofd houdt, kan zonder schuldgevoel een paar keer per jaar iets moois uitkiezen en de rest van het jaar gewoon lopen voor de lol.

De oproep van Hover aan gemeenten en organisatoren, om oog te houden voor mensen met een smalle beurs, vind ik terecht. Evenementen draaien deels op publiek geld en presenteren zich als feest voor iedereen. Dan hoort er ook een betaalbare afstand bij. Tot het zover is, ligt de keuze bij jezelf, en die keuze is groter dan het lijkt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *